Welkom op mijn vernieuwde website!

Kenniscentrum van Vlaamse Centrumsteden


Wat?

Het Kenniscentrum Vlaamse Steden is een interlokale vereniging die de stedelijkheid in Vlaanderen in al zijn facetten wil versterken. Stedelijkheid is immers een essentieel aspect van een duurzaam en democratisch beleid. Daarom stimuleert het kenniscentrum de leerprocessen in de steden en zorgt ze voor een versterking van het netwerk van steden.

De activiteiten van het kenniscentrum situeren zich rond vijf pijlers:
  • Kennisverzameling en –ontsluiting: kennis verzamelen en toegankelijk maken
  • Kennisontwikkeling: nieuwe kennisbehoeften detecteren en kennis hierop afstemmen
  • Kennisbemiddeling: kennisvragen voorzien van antwoorden
  • Netwerkvorming: interactie en ervaringsuitwisseling tussen de steden faciliteren en versterken
  • Beleidsbeïnvloeding: vanuit de kennis het stedenbeleid van andere overheid beïnvloeden

Mijn rol?

In wezen is mijn opdracht als voorzitter van het Kenniscentrum vrij gelijklopend met die van het VVSG. Wel is het zo dat de aandacht zich hier helemaal toespitst op de belangen van de 13 Centrumsteden (Antwerpen en Gent & 11 centrumsteden met Brugge, Kortrijk, Oostende en Roeselare in West-Vlaanderen).

De Centrumsteden hebben door hun schaal en complexiteit een aantal specifieke problemen, die men door studiewerk scherp wil definiëren en waarvoor men adequate oplossingen wil uitwerken en bepleiten bij de centrale en Europese overheden.
Ook hier gaat het om lobbywerk, deskundigheidsontwikkeling en studiewerk, advies en ondersteuning.

Als voorzitter van beide organisaties moet ik een objectiverende en uitgebalanceerde houding aannemen en beschikbaar zijn voor alle 308 gemeenten in Vlaanderen.
Een en ander heeft toch flink wat voordelen voor onze eigen stad:
  • als voorzitter ben ik veelal reeds in een vroeg stadium op de hoogte van beleidsintenties of koerswijzigingen van de centrale overheden. Dit helpt mij om een goede dossierkennis op te bouwen, maar ook om met de steun van de medewerkers de beslissingen die voorliggen zo goed mogelijk te laten afstemmen op de mogelijkheden en voorkeuren van de gemeenten;
  • als voorzitter kan ik het netwerk aan contacten dat ik doorheen mijn lange carrière heb opgebouwd levendig te houden en bij te stellen. Ik krijg zo een gemakkelijke toegang tot de administraties en tot de Ministers en hun kabinetten.
  • het gezag dat ik opbouw als voorzitter kan afstralen op onze stad en de sérieux van waar Roeselare voor staat ook nog versterken.
Het zijn twee drukke functies, die natuurlijk een grote inspanning vragen: wekelijkse verplaatsingen op en af naar Brussel, veel studiewerk. Het zet een sterke druk op mijn agenda. Maar mijn werkkracht is groot. En de ‘return on investment’ compenseert ruim onze inspanningen.